‘Brexit’ lijkt geen grote invloed te hebben op investeringen van het VK in de EU, behalve in Nederland

Wat begon als een referendum voor de Britse bevolking over het verlaten van de Europese Unie, eindigde in een scheiding die ‘Brexit’ werd genoemd. Tijdens de onderhandelingen was veel onzeker, vooral voor bedrijven in het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie. Bedrijven dachten dat ze de toegang tot het Europese vasteland konden verliezen, maar die onzekerheid heeft uiteindelijk niet geleid tot echte veranderingen in de investeringsstromen van het VK naar landen in de Europese Unie.

Artikel door DataBewijst

Het EU-land dat op investeringsgebied het meest ‘won’ door Brexit, was Nederland. Volgens cijfers van De Nederlandsche Bank (DNB) stroomde er in de periode tussen het Brexit-referendum in 2016 en 2019 gemiddeld 39,5 miljard euro het land in. Ook andere landen in de Europese Unie zagen in dezelfde periode een lichte stijging, maar nergens was die toename zo groot als in Nederland.

De cijfers laten zien dat Brexit geen goede ontwikkeling is voor de Europese Unie als je kijkt naar investeringen vanuit het VK naar de EU. Verschillende landen lieten een kleine stijging zien wanneer je het gemiddelde van de periode 2016 – 2019 vergelijkt met dat van 2012 – 2015, maar de meeste landen zagen juist een lichte daling. Neem Italië als voorbeeld. Italië kwam in de periode 2012 – 2015 uit op gemiddeld 2 miljard euro, terwijl dat in de periode 2016 – 2019 1,9 miljard was — een daling van 100 miljoen euro. Geen enorm verschil, maar sommige landen werden duidelijk sterker geraakt (zie de kaart hieronder).

Klik hier voor meer informatie over deze kaarten:

2012-2015

2016-2019

En hoe zit het met een paar andere ‘buren’ van het Verenigd Koninkrijk? Ierland kwam uit op gemiddeld bijna min 11 miljard euro, met een dieptepunt in 2018 toen dat zelfs min 23 miljard euro was (zie de kaart hierboven). Dat betekent dat er meer investeringen het land uitgaan dan erin komen. België zag 2,5 miljard euro het land instromen en Frankrijk bijna 6 miljard euro. Maar hoe kan het dat sommige landen een daling in investeringen zagen en andere juist een stijging?

Daarvoor moeten we eerst uitleggen wat Foreign Direct Investment (FDI) precies is. “FDI is een vorm van investering waarbij je nieuwe activiteiten opstart in een ander land”, zegt Riccardo Creszeni, hoogleraar Economic Geography aan de London School of Economics (LSE). “Tegelijk was er rond Brexit veel onzekerheid als het om investeringen ging.” Volgens Creszeni was het Verenigd Koninkrijk de toegangspoort tussen de Europese Unie en de rest van de wereld. Door Brexit moesten bedrijven daarom op zoek naar een nieuwe ‘gateway’. Tegelijk is er nog steeds veel onduidelijk en blijft het lastig te voorspellen wat de toekomst brengt voor het VK en de relatie met de EU.

Verschillende redenen om af te wachten

Brexit is al complex genoeg, en de impact van de COVID-19-pandemie maakte het nog ingewikkelder, volgens Creszeni. “Kijk bijvoorbeeld naar het percentage mensen dat gevaccineerd is”, zegt de LSE-professor. “Het Verenigd Koninkrijk doet het op dit moment beter dan de Europese Unie als je naar vaccinatie kijkt.” Dat kan ertoe leiden dat Britse bedrijven nog wat langer wachten met investeren in andere landen.

Toch is volgens Creszeni het belangrijkste punt dat veel bedrijven zich nog steeds afvragen wat de echte impact van Brexit voor hen zal zijn. “FDI is kostbaar en veel bedrijven vragen zich af hoe het VK zich zal ontwikkelen in een wereld na Brexit”, zegt Creszeni. Daarom zouden veel bedrijven in de toekomst juist meer of minder kunnen investeren in de Europese Unie.

Nederland, locatie en belastingen

Kijk je naar investeringen als gevolg van Brexit, dan heeft Nederland — zoals eerder gezegd — het meest gewonnen. Maar waarom is dit land zo aantrekkelijk voor investeringen? “Nederland was altijd onze eerste keuze voor onze Europese logistieke hub, vanwege de goede transportverbindingen en de nauwe banden met veel toonaangevende technologieproducenten in de sector”, zegt Richard Eglon, Chief Marketing Officer bij Agilitas (een IT-bedrijf). Door Brexit moest Agilitas investeren in de Europese Unie. Anders konden ze de toegang verliezen tot hun Europese klanten, die erg belangrijk zijn voor het bedrijf.

Het verlies van toegang tot de Europese markt was een van de redenen om naar Nederland te verhuizen, maar volgens professor Creszeni zijn er meer. “Nederland heeft gunstige belastingregels”, zegt de LSE-professor. Dat betekent dat bedrijven ook naar Nederland kunnen verhuizen omdat het land als belastingparadijs wordt gezien. Dat zou kunnen betekenen dat bedrijven alleen hun geld naar Nederland verplaatsen, zonder dat dit banen oplevert.

Nog meer redenen om voor Nederland te kiezen

Dat Nederland gunstige belastingen heeft, is volgens Creszeni niet de enige reden: “Nederlanders spreken erg goed Engels en Nederland is heel interessant als je veel klanten hebt in Frankrijk, België en Duitsland”, zegt Creszeni. Door al deze verschillende factoren is duidelijk dat Nederland een aantrekkelijk land is om in te investeren.

Een bedrijf dat bevestigt wat professor Creszeni zegt, is AM Best. AM Best is een kredietbeoordelaar met een focus op de verzekeringsbranche. Het bedrijf opende vanwege Brexit een tweede hoofdkantoor in Europa. Volgens de website van de Netherlands Foreign Investment Agency (NFIA), investinholland.com, waren er meerdere redenen om naar Amsterdam te verhuizen. “AM Best koos voor Amsterdam om verschillende redenen, waaronder het goed ontwikkelde financiële centrum en de sterke talentpool”, zegt Nick Charteris-Black, managing director market development voor Europa, het Midden-Oosten en Afrika bij AM Best.

Toch is het nog te vroeg om te spreken over het exacte effect van Brexit op bijvoorbeeld de investeringscijfers. Er is nog altijd veel onzekerheid, maar voorlopig lijkt het erop dat Nederland het meest heeft geprofiteerd van Brexit. Volgens de LSE-professor profiteert uiteindelijk echter niemand van het vertrek van het VK uit de EU.

Toelichting op het onderzoek

Voor dit onderzoek namen Mirthe van Wijngaarden en Cédric Broodman (datajournalisten bij DataBewijst) contact op met alle centrale banken van landen in de Europese Unie. De opgevraagde data bevatten de Foreign Direct Investment-stromen van het VK naar elk EU-land van 2000 tot en met 2020. Er is bewust voor zo’n lange periode gekozen om te kunnen zien of er misschien andere trends in de data zaten die bruikbaar waren voor het onderzoek. Niet elk land kon cijfers leveren voor de hele periode van 2000 tot en met 2020. Die landen zijn grijs gemarkeerd in de visualisatie. Sommige landen konden niet alle data aanleveren of hadden de gegevens over deze periode niet volledig beschikbaar. Uiteindelijk is alle data gebruikt zolang het om stroomcijfers ging. Zo konden de cijfers op de juiste manier worden vergeleken en geïnterpreteerd.

Belangrijk om te vermelden is dat stroomcijfers niet het hele verhaal vertellen en dat er veel factoren zijn die deze investeringsstromen kunnen beïnvloeden. Voorbeelden daarvan zijn Brexit zelf en de COVID-19-pandemie. Voor dit artikel is bovendien gewerkt met gemiddelden om de data te vergelijken. Een gemiddelde is vrij gevoelig voor uitschieters. Daarom is ervoor gekozen om in de interactieve kaart van Mapcreator ook de cijfers per jaar te tonen, zodat het totaalbeeld compleet blijft en zo transparant mogelijk is.

Bevalt wat je ziet? Stuur gerust een e-mail of neem contact op via Twitter.

This content is available in English

Would you like to switch?

Diese Inhalte gibt's auch auf Deutsch

Möchtest du wechseln?

Contenu disponible en français

Changer de langue ?

Esta página está disponible en español

¿Te gustaría cambiar?

Deze pagina is ook beschikbaar in het Nederlands

Zullen we je doorverwijzen?